Fractievoorzitter Leny van Vliet blikt in de Algemene Beschouwingen tevreden terug op de successen van het bestuur van de afgelopen vier jaar.  Ze maakt enkele kritische kanttekeningen en blikt alvast vooruit op de situatie na de verkiezingen.

Leny van Vliet tijdens de Algemene Beschouwingen 2018“Dit zijn de laatste algemene beschouwingen van deze periode, voor dit algemeen bestuur. Begin volgend jaar zijn er verkiezingen, dan gaat een frisse ploeg van start. Daarom wil ik kort terugblikken op de afgelopen vier jaar.  

In 2015 zijn we met 5 partijen van start gegaan met een coalitieakkoord dat tot onze vreugde door bijna het gehele AB werd onderschreven. Deze brede steun heeft het mogelijk gemaakt dat voortvarend aan de uitvoering van dit akkoord is begonnen en nu, na bijna vier jaar, kunnen we constateren dat het overgrote deel is uitgevoerd. Daar zijn wij blij en tevreden over, want we hebben veel bereikt.

Politieke verschillen verdoezeld

Na deze positieve constatering wil ik stilstaan bij de vraag hoe wij terugkijken op het functioneren van het AB en DB als politiek-bestuurlijk orgaan.

Dat viel nog niet mee. Kennelijk is de behoefte aan eenheid dusdanig groot dat eventuele politieke verschillen niet helder worden. Dit geldt met name voor het dagelijks bestuur. Teamvorming en saamhorigheid in het DB is een groot goed maar dit mag politieke verschillen in opvattingen niet verdoezelen. Uiteraard, aan het coalitieakkoord is iedereen gehouden, daaraan heeft het DB zich unaniem gecommitteerd, maar daarbuiten moet een “dissenting opinion” mogelijk zijn. Wij hebben dat af en toe wel eens voelen wringen. Wel zijn wij blij en tevreden dat na de woelige tijden in het DB in 2017, het toen aangetreden DB-lid namens de VVD Peter Smit de nodige rust en constructieve dialoog met DB en AB heeft gebracht.

In het algemeen bestuur hebben wij met name een goede invulling van de oppositierol gemist. De Partij voor de Dieren, die met drie zetels in het AB de grootste oppositiepartij was én die als enige het coalitieakkoord niet heeft onderschreven was hiervoor natuurlijk de aangewezen partij. Het heeft de bestuurlijke discussie geen goed gedaan dat er geen scherpe inhoudelijke verschillen in opvatting door hen zijn aangekaart en dat men zelfs vaak bij belangrijke inhoudelijke discussies schitterde door afwezigheid. Een schrijnend voorbeeld daarvan is de behandeling van het onderwerp bodemdaling geweest, waarbij in ieder geval wij als PvdA hadden verwacht dat de PvdD met een duidelijk standpunt zou komen. Ons is ook opgevallen dat de PvdD het eigenlijk altijd heeft laten afweten bij gelegenheden waarbij burgers in beeld komen, bijvoorbeeld bij inspraak- en voorlichtingsavonden of feestelijke gebeurtenissen. Dit alles heeft duidelijk afbreuk gedaan aan het functioneren van het algemeen bestuur als volwaardig politiek-bestuurlijk orgaan.

Waar staan we nu ten opzichte van vier jaar geleden?

Het is evident dat er zich een belangrijke verschuiving heeft voorgedaan in de onderwerpen die onze aandacht vroegen. Vier jaar geleden was het nog niet echt duidelijk hoe zwaar de gevolgen van de klimaatverandering onze prioriteiten zouden beïnvloeden. Natuurlijk het hoogwaterbeschermingsprogramma was al bekend inclusief de financiële lastenverzwaring die dat voor ons meebracht maar hoe breed en veel omvattend de consequenties van klimaatverandering waren was nog terra incognita.Groen en water in de stad

Een goed voorbeeld hiervan is de aandacht voor de klimaatbestendige stad, aanvankelijk alleen in Amsterdam, maar geleidelijk aan uitgerold over alle gemeenten in ons gebied. Wij zijn blij en tevreden dat het BOWA hierbij een goede ingang heeft gegeven om alle gemeenten de problematiek duidelijk te maken en samen concrete actiepunten te formuleren. Deze verbreding van de taakstelling van het BOWA die voortvloeide uit het Bestuursakkoord Water van 2010 heeft naar onze mening geleid tot een actieve aanpak van de klimaatproblematiek in vele gemeenten in ons gebied.

Een tweede onderwerp dat vier jaar geleden slechts in de marge van het debat aan de orde kwam, is de biodiversiteit. In de Algemene Beschouwingen van vorig jaar heeft mevrouw De Buisonjé hiervoor namens onze fractie nadrukkelijk de aandacht gevraagd. Wij constateren dat door een veelheid van oorzaken de biodiversiteit terugloopt. Onze zorgen daarover zijn niet minder geworden, met name ten aanzien van de vermindering van het aantal insecten.

Ik citeer wat mevrouw De Buisonjé daar een jaar geleden over zei:

“Ondanks heel veel onderzoek weten wetenschappers nog altijd niet of en welke stof voor de insecten zo’n bedreiging is. Maar je kan er vergif op innemen dat insecticiden uit de tuinbouw en landbouw een rol hierbij spelen. We moeten van deze stoffen af, en in ieder geval bevorderen dat ze niet worden geloosd. En wij als waterschap hebben hierin ook een verantwoordelijkheid. Wij zijn verantwoordelijk voor schoon water. Wij mogen niet toe kijken hoe ons ecosysteem ten onder gaat.”

Het derde onderwerp dat inmiddels in het brandpunt van de belangstelling is komen te staan, is de bodemdaling in het veenweidegebied. Waar we als AB het belang van CO2-reductie in theorie allemaal onderschrijven, is helaas onlangs nog gebleken dat wanneer het op een concreet punt aankomt, nl. de bodemdaling in het veenweidegebied, het overgrote deel van het AB het laat afweten. De consequenties van bodemdaling serieus oppakken en streven naar een drastisch terugbrengen van peilverlagingen bleek een brug te ver. Voor ons was dit een bittere teleurstelling. Het probleem is immers uiterst urgent! Natuurlijk kunnen we dat niet bewerkstelligen zonder samenwerking met andere overheden, met name met de provincies.

Als laatste punt voor een vergelijking met vier jaar geleden wil ik de betrokkenheid van de burger bij het werk van het waterschap noemen. AGV heeft de afgelopen vier jaar via het programma Waterbewust stevig ingezet om de bewoners en werkers in ons gebied nauw bij ons werk te betrekken. Het doel was tweeledig. Ten eerste om de inhoudelijke betrokkenheid van de burger te vergroten en ten tweede om het waterschap in het algemeen en AGV in het bijzonder een groter bekendheid te geven. De komende verkiezingen van maart 2019 moeten duidelijk maken of hier succes is geboekt. Maar ongeacht het resultaat, voor de PvdA is evident dat we moeten doorgaan op de ingeslagen weg. Dus laten we vooral enthousiast doorgaan met bewonersavonden, nieuwsbrieven en inspraakmomenten, fysiek, digitaal of hoe dan ook. Ons werk is dat waard. 

Vooruitblik op het komende verkiezingsjaar

Tot slot wil ik in deze Algemene Beschouwingen enkele woorden wijden aan de toekomst. Wat wil de PvdA na de verkiezingen. Natuurlijk hopen wij op een hoge opkomst en een goede uitslag.

Belangrijker is evenwel wat wij de komende jaren willen bereiken. Vijf punten wil ik hier noemen.

Veilige dijken en voorkomen van wateroverlast

Natuurlijk willen alle partijen dat. Maar toch een eigen accent: de PvdA wil dat dijkversterking altijd in overleg gebeurt met omwonenden en belanghebbenden. Ook aandacht voor recreatie en verbetering van de natuur horen daarbij. Verder houden we de wateroverlast zo klein mogelijk door regenwater beter op te vangen en zo veel mogelijk vast te houden.

Stoppen bodemdaling en minder uitstoot van broeikasgassen

Bij bodemdaling komt veel CO2 vrij. Daarom wil de PvdA dat wij stoppen met het land verder naar beneden te pompen. Als boeren daardoor moeten overgaan op andere vormen van landbouw, dan helpen we ze daarbij. AGV werkt al energiezuinig en wekt energie op voor eigen gebruik. De PvdA vindt dat het waterschap meer energie kan produceren en dus netto-energieproducent wordt.

Nog schoner water

Landbouwgif (micro)plastics en medicijnresten horen niet in het oppervlaktewater. Wij willen programma’s die het gebruik van plastics tegengaan en maken dat de landbouw geen gif meer loost. Ongebruikte medicijnen worden teruggebracht naar de apotheek en ziekenhuizen moeten hun afval zelf verwerken via Pharmafilters. We doen er alles aan om de rivieren Amstel en Vecht zo schoon mogelijk te krijgen, zowel ten behoeve van de natuur als voor de mens die wil zwemmen, vissen of varen. Het effluent van de rioolwaterzuiveringsinrichtingen moet daarom niet meer lozen in deze rivieren. Dat kan door omleiden, extra zuiveren of het verplaatsen van de rwzi’s. We streven naar een circulaire economie, waarbij zo veel mogelijk grondstoffen worden teruggewonnen uit het rioolwater.

Water om van te genieten

Ons water moet schoon en bereikbaar zijn voor iedereen, zodat mensen kunnen zwemmen, varen, schaatsen en vissen. En water biedt ook rust om van te genieten. Wij gaan zorgvuldig om met ons erfgoed. Wij koesteren onze geschiedenis en maken die bekend bij bewoners en bezoekers.

Eerlijke verdeling van lasten

Sterke schouders dragen de zwaarste lasten. Dat betekent dat grote bedrijven en grootgrondbezitters meer betalen en dat mensen met een minimuminkomen kwijtschelding krijgen.

Met deze inzet gaan wij de verkiezingen van 2019 met een positief gevoel tegemoet.”

Leny van Vliet, fractievoorzitter PvdA in het bestuur van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht